dood gaan levenseindekliniek

Real life story: ‘Ik sta op de wachtlijst om dood te gaan’

Sammy* (20) heeft zoveel psychische problemen, dat ze niet meer wil leven. Ze heeft zich hiervoor aangemeld bij de Levenseindekliniek.

‘Als jong meisje was ik altijd al anders dan andere kinderen. Ik dacht veel na en maakte me vaak zorgen. Op mijn tiende begon ik last te krijgen van eetproblemen en op de middelbare school escaleerde mijn gedrag. Omdat ik niet wist hoe ik met mijn emoties om moest gaan, werd ik agressief. Als mijn moeder bijvoorbeeld mijn kamer had opgeruimd, raakte ik compleet in paniek. Ik huilde, schreeuwde en gooide alles weer overhoop. Ook begon ik het op mezelf te uiten. Ik begon mezelf te krassen, te knijpen of te slaan. Ik kreeg via de huisarts wel psychologische hulp, maar dat hielp niet echt omdat ik geen klik had met de behandelaar. Drie weken voor mijn vijftiende verjaardag werd daarom besloten dat ik opgenomen moest worden in een kliniek.’

Opname naar opname

‘De opname hielp tijdelijk. Ik leerde wat beter omgaan met mijn emoties en kon hierdoor weer naar school. Maar het krassen in mezelf werd alleen maar erger en elke keer voelde ik me weer superrot en -ongelukkig. Omdat ik erg jong was, werd gezegd dat het kwam door de pubertijd. Als ik maar therapie zou blijven volgen, dan kwam het vanzelf wel goed. Ik wilde beter worden en kunnen genieten van het leven zoals leeftijdsgenoten.

Soms kon ik een tijdje alle emoties wegdrukken en dan leek het goed te gaan. Ik werd bijvoorbeeld toegelaten tot mijn droomopleiding op het mbo, maar daar liep ik weer vast omdat ik te perfectionistisch was en me niet kon concentreren. Als ik in de les zat en mensen liepen naar de prullenbak om hun potlood te slijpen, vroeg ik me af hoe ze daar energie voor konden hebben. Ik huilde om alles en niks. Ik kon ook niet met deadlines omgaan. Dan werd ik zo angstig dat ik het direct af wilde maken. Dat legde zoveel druk op me dat ik compleet opbrandde. En dan kwamen al die opgekropte emoties er ook uit en moest ik weer opgenomen worden. Ik leefde van opname naar opname.

Voor mij voelde het alsof het nooit beter werd en het leven geen zin had. Want ook op momenten dat ik lol had met vrienden, waren er altijd nare gedachten in mijn hoofd. Eigenlijk wilde ik gewoon niet meer leven en ik dacht steeds vaker aan zelfmoord. Op mijn zeventiende zat ik tegenover een psycholoog en besprak ik die gedachten. Hij opperde of euthanasie niets voor mij zou zijn. Dat is een geassisteerde zelfmoord waarbij artsen je helpen om op een waardige manier uit het leven te stappen.’

Lichtpuntje

‘Hoe meer ik nadacht over euthanasie, hoe meer ik het als de juiste keuze voor mezelf zag. Natuurlijk vond mijn moeder het vreselijk toen ik erover begon, maar zij zag ook hoe moeilijk het leven voor mij bleef. Ik maakte met haar de afspraak dat ik nog een keer alles op alles zou zetten om beter te worden. Ik heb toen een intensieve opname van zes maanden gehad. Daar heb ik echt geprobeerd om beter te worden, maar ik werd nog depressiever. Ik wist dat het geen zin meer had. Als deze opname niet werkte, zou niks werken.

Een lichtpuntje was een meisje dat ik leerde kennen tijdens de opname: Lyn. Zij had dezelfde soort klachten als ik en zag het leven ook niet meer zitten. Omdat we zoveel gemeen hadden, klikte het enorm tussen ons. Zij was echt mijn zielsverwant. We konden het over alles hebben met elkaar. Omdat we allebei eetproblemen hadden, konden we zelfs lachen om de dingen die daarbij horen. Dingen die mensen die geen eetstoornis hebben, nooit zouden begrijpen. Of we grapten over onze suïcidale gedachten, tot aan welke kleur kist we willen. We waren er ook voor elkaar op de moeilijke momenten. Als zij een paniekaanval had, dan hield ik haar vast en zong ik terwijl zij huilde. Of ik knuffelde haar toen ze in de douche onder het bloed zat van de zelfbeschadiging en hielp haar haar wonden verzorgen.

We konden overigens ook enorme ruzie met elkaar maken. Dan stonden we tegen elkaar te schreeuwen, schelden en te janken. Maar na zo’n ruzie maakten we het meteen weer goed. Onze vriendschap ging dus echt heel diep. Hij begon in de kliniek en toen we daaruit waren, zochten we elkaar continue op. We deelden alles met elkaar, maar spraken af dat we nooit zouden vertellen wanneer we zelfmoord zouden plegen. Zo zou de ander nooit met het schuldgevoel kunnen zitten dat ze iets had kunnen doen om het tegen te houden. Toen ik Lyn vertelde dat ik me aan ging melden om euthanasie te plegen, steunde zij me daarin. Het was iets wat haar ook aansprak.

Levenseindekliniek

In mei heb ik me aangemeld bij de Levenseindekliniek. Lyn meldde zich een maand later aan. Bij mij duurde het lang voor ik op gesprek kon komen voor de beoordeling, omdat mijn vroegere hulpverleners traag waren met het doorsturen van mijn dossier. Bij Lyn ging het sneller. Zij kreeg al snel te horen dat ze was geaccepteerd. Alleen zijn er zoveel aanmeldingen, dat het lang kan duren tot je echt aan de beurt bent. In haar geval zou ze tussen de tien en veertien weken moeten wachten.

Toen ik eindelijk te horen kreeg dat ik een gesprek zou krijgen voor mijn beoordeling, stuurde ik Lyn een blij appje. Ik wist niet dat dit een van de laatste keren was dat ik contact met haar zou hebben. Een week later pleegde zij zelfmoord. Ondanks het feit dat ik wist dat Lyn niet door wilde en ik als geen ander begreep hoe dat voelde, was haar dood alsnog een shock. Maar ik wist dat ze nu rust had. Ze kon gewoon niet meer.’

Niet meer kunnen leven

‘Het is nu een paar maanden geleden dat Lyn is overleden en natuurlijk mis ik haar enorm. Maar het heeft mijn plannen niet veranderd. Ik vecht al zoveel jaar zonder enige verbetering en voor mij hoeft het zo niet. Er is een verschil tussen niet meer willen leven en niet meer kunnen leven. En als je eenmaal daar bent, kun je niet meer terug. Het is ook niet iets wat je van de een op andere dag hebt. Bij mij heeft het zes jaar geduurd om op dit punt te komen.

Inmiddels ben ik door de beoordeling heen bij de Levenseindekliniek. Dat betekent dat ze mijn dossier helemaal hebben bekeken en het ermee eens zijn dat er geen behandelingen zijn die ik nog zou kunnen proberen. Ik sta nu dus op de wachtlijst voor geassisteerde zelfmoord. Ik mocht daarin nog best veel keuzes maken, bijvoorbeeld of ik het thuis wil of in een ziekenhuis. Zo heb ik gekozen voor een ziekenhuis, omdat het huis anders altijd de plek gaat zijn voor mijn familie waar ik dood ben gegaan. Ook mocht ik kiezen of ik een infuus wil of een drankje. Ik ben blij dat ik deze keuzes allemaal mag maken, alleen vind ik het wel jammer dat ik zolang moet wachten. Want van gedachten veranderen, doe ik niet meer.’

Missen

‘Ik ben momenteel bezig om mensen in te lichten. Mijn familie wist al heel lang dat ik dit wilde, dus die snappen het. Natuurlijk vindt mijn moeder het moeilijk. Als ik iets leuks heb gedaan, vraagt ze me of ik niet vaker dat soort momenten wil hebben. Ze blijft hoop houden, maar ze probeert niet op me in te praten, omdat dit ervoor zorgt dat ik haar wegduw. Ze respecteert mijn beslissing wel en snapt dat ik alles heb geprobeerd. Voor haar zijn al deze jaren natuurlijk ook erg moeilijk geweest. Vriendinnen weten niet altijd hoe ze erop moeten reageren, maar ik praat er open over met ze en dat vinden ze fijn. Ik snap dat het heel moeilijk te begrijpen is voor mensen dat je niet meer kunt leven, maar iedereen is anders. Ik had ook liever gewild dat ik deze problemen niet had gehad.

Als ik denk aan de euthanasie voel ik opluchting, omdat ik eindelijk serieus word genomen. Maar ik ben ook angstig. Niet voor het moment zelf, maar wel voor mijn familie en vrienden en hoe zij ermee om zullen gaan. Ergens vind ik het ook wel jammer dat ik er niet meer ben voor de mooie momenten. Mijn zus woont samen, dus zal de komende vijf jaar wel gaan trouwen. Daar ben ik dan niet meer bij. Zij wil dan ook graag voor mijn euthanasie bruidsjurken shoppen. Ik zal ook nooit meemaken dat mijn broers en zussen kindjes krijgen. Dat steekt me heel erg, maar jammer genoeg is het niet genoeg om te blijven leven. Soms denk ik wel dat als ik op jongere leeftijd net iets betere hulp had gekregen, ik wel beter had kunnen worden. Maar daarvoor is het nu helaas echt te laat.’

*de gebruikte namen zijn om privacyredenen aangepast

Wil je meer real life verhalen lezen? Koop dan nu de GIRLZ online of in de winkel.

Lees ook:

Tekst: Michelle Iwema, GIRLZ 3 2020

Beeld: Unsplash

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde artikelen